

Jochem studeert hbo bouwkunde aan Leeuwarden. Hij is het prototype van een nuchtere Groninger. Niet te veel dromen, gewoon doen. Goede gebouwen ontwerpen, dat is wat hij wil. Om te leren hoe dat in de praktijk werkt, loopt hij stage bij De Deur in Huis. Het is de laatste fase voor hij begint aan zijn afstudeertraject.
Terwijl hij op zoek was naar een stageplek, zag Jochem in Uithuizen – waar hij opgroeide en waar zijn moeder nog steeds woont – een flink aantal nieuwe woningen verrijzen. Op het bouwbord ernaast las hij de naam van De Deur in Huis. Hij legde contact, mocht langskomen en kreeg een plek. ‘Het is gezellig hier, er werken leuke mensen. En ik kon meteen met een project bezig, heel concreet.’
Jochem kwam tijdens eerdere stages al adviseurs, constructeurs, bouwfysici en installateurs tegen. Stuk voor stuk interessante vakgebieden, maar zelf wil hij architect worden. ‘Tot nu toe staat dat bovenaan het lijstje. Het lijkt me het meest interessante vak. Iets creëren, dat vind ik leuk.’ Bij De Deur in Huis treft hij genoeg mensen om van te leren. ‘Het spreekt me aan dat hier veel architecten in opleiding werken. Ik ben benieuwd hoe zij projecten aanvliegen, maar ook hoe ze het studeren aan de Academie van Bouwkunst ervaren. Daar wil ik een beetje van gaan proeven.’
Veel ervaring met het vak heeft Jochem natuurlijk nog niet, maar hij heeft al wel een duidelijk beeld van wat voor hem het leukste onderdeel is: ‘Het oplossen van puzzels. De vertaalslag maken van een concept naar een gedetailleerd technisch ontwerp, dat vind ik interessant. De technische uitwerking, en de link naar esthetiek. Dat laatste is voor mij nog een beetje een zoektocht. Hoe maak je iets mooi?’
Waar sommige jonge architecten dromen van het ontwerpen van een prominent publiek gebouw, heeft Jochem dat niet. Hij ziet eindeloze processen voor zich, als hij eraan denkt. Liever zou hij zich bezighouden met woningen. Het zijn voor hem herkenbare gebouwen, minder abstract dan een utiliteitsgebouw. Maar wat echt bij hem past, daar gaat hij de komende tijd achter komen. ‘Vind ik het ontwerpen van sociale woningbouw, met rijtjeswoningen, ook leuk, bijvoorbeeld? Of een flat? Dat heb ik nog nooit gedaan. Tijdens deze stage probeer ik dat te ontdekken.’